
Lezing vrijdag 5 april 2013 om 16.00 uur op de Academie voor Architectuur en Stedenbouw (AAS) in Tilburg.

Juliette Bekkering (TUEindhoven, Bekkering Adams Architecten en Tom Avermaete (TUDelft) waren onze gasten. In een bijzondere prettige setting hebben wij gesproken over het architectuuronderwijs in Nederland. De overeenkomsten tussen de instituten in Delft en Eindhoven zijn niet zo interessant. De verschillen moeten wij echter zorgvuldig koesteren. Dit is voor alle partijen beter.
Het diner bij restaurant Huson was weer eens ouderwets goed.
Elke maand nodigen Daan Bakker (Daf-architecten), Jeroen de Willigen (DeZwarteHond), Jasper de Haan (architect) en ik een aantal collegae of interessante mensen uit om samen te eten, te drinken en te discussiëren over ons vak, de stad Rotterdam en aanverwante zaken.

Kirsten van den Berg (adviseur en ontwerpster ruimtelijke ordening) en Thieu Knibbeler (senior adviseur, bureau Monumenten & Cultuurhistorie Gemeente Rotterdam) waren twee fijne gasten tijdens onze veertigste souper. Verleden, heden en toekomst van de gebouwde historie stemt het gesprek emotioneel, bezorgd en opgewekt tegelijk. Onenigheid wat een monument is of zou moeten zijn is er altijd. De huidige crises biedt kansen, maar in de grote leegstand zit gevaar. De mogelijkheden met bestaand vastgoed lijken eindeloos. Kirsten en Thieu vertelde op een uiterst geëngageerde manier over al deze onderwerpen.
Wij hebben heerlijk gegeten bij restaurant Eendracht . De gerechten uit de houtoven waren soms wat verwarrend qua samenstelling en de kwaliteit van de wijnen te wisselvallig.
Elke maand nodigen Daan Bakker (Daf-architecten), Jeroen de Willigen (DeZwarteHond), Jasper de Haan (architect) en ik een aantal collegae of interessante mensen uit om samen te eten, te drinken en te discussiëren over ons vak, de stad Rotterdam en aanverwante zaken.

Project 27 bezoekt 27 landen en interviewt 27 architecten
Goede tijden, slechte tijden
Architecten hebben de neiging om voor alle sociale en economische problemen een ontwerpoplossing aan te bieden. Is het probleem energie, voedsel, water, overvolle steden of juist dun bevolkte gebieden? Zijn de problemen in Angola, India, China, Brazilië of Rusland? Het maakt niet uit. Overal ter wereld pakken architecten gretig deze problemen ter hand en toveren ze uit hun computers kekke analyses en tot de verbeelding sprekende ruimtelijke oplossingen. De ontwerpen worden getoond op tentoonstellingen en tijdens lezingen, en alles wordt voor het nageslacht gedocumenteerd in mooie boeken, liefst uitgegeven in meerdere talen. De wereld kan niet zonder architecten, zo lijkt het.
In Europa zijn op dit moment de problemen in de keten waarin architecten functioneren groot en staat hun positie onder zware druk. We zien dat het ene deel van het continent geen geld meer heeft om te bouwen, en in het andere deel probeert men financiële risico's te beperken en vastgoeddebacles te voorkomen; er wordt nog amper geld geleend om bouwprojecten te realiseren. Architectuur is dus even niet meer zo noodzakelijk en dit lijkt pijnlijk bevestigd te worden door de voorbeelden van overbodige of ongebruikte architectuur die in heel Europa te vinden zijn. Veel architecten hebben moeite met de onbehagelijke analyse van hun rol de laatste decennia en lijken even geen zin te hebben in confronterende oplossingen voor hun eigen keten.
Terwijl de Europese economie steeds verder inzakt en babyboomers met pensioen gaan zet een nieuwe groep architecten hun loopbaan in de steigers. Deze architecten worden erg hard getroffen door de eurocrisis en zijn hierdoor genoodzaakt hun vak te herzien. Heeft de crisis invloed op hun ambities, dromen en idealen?
Europese architecten
Het laatste sectoronderzoek van het Architects' Council of Europe (ACE) uit 2010 gaf nogal een somber beeld van de toekomst. De hele bouwproductie daalde tussen 2008 en 2010 met 15%. De architectuursector kwam er met een daling van 22% het meest bekaaid van af. Deze daling beïnvloedde de inkomsten van een architect behoorlijk. Het gemiddelde jaarinkomen daalde van bijna 35.000 euro naar 29.500 euro, vooral architecten van kleine bureaus zagen hun inkomsten fors slinken. De ondervraagde architecten uit heel Europa blijken ondanks de economische inzinking nog altijd sterk te geloven in wat ze doen en hebben vertrouwen in de toekomst. Naïviteit en creativiteit zijn vaak een goede twee-eenheid. Een gezond opportunisme maakt de mens vrolijk. Maar hoever kan je hier in gaan?
De architecten Benoît Jallon en Umberto Napolitano van het Franse architectenbureau LAN zijn samen met producer Antoine Cayrol en regisseur Pierre Zandrowicz van FatCat Films een eigen studie gestart onder architecten in Europa. Onder de eenvoudige edoch bijzondere heldere projectnaam 27 bezoeken zij 27 architectenbureaus in de 27 lidstaten van de Europese Unie. Een reis naar het hart van de hedendaagse Europese architectuur zoals ze het zelf noemen. In de 27 verschillende culturen wordt door de 27 verschillende architecten gebouwd volgens eigen wetgeving, eigen inzichten en eigen traditie. Representatief zijn 27 architecten niet op de in totaal 470.000 werkzame architecten in de Europese Unie. Project 27 kan wel een intens beeld geven van het toekomstige architectonische veld.
Feiten en cijfers
Wat het veld nu is, tonen de cijfers van ACE. De data is confronterend, de verschillen zijn evident en een gemiddelde fascineert. Een aantal feiten op een rijtje: per 1.000 Europeanen is nog geen 1 architect te vinden (0,9 architect per 1.000 inwoners). In Italië leven veruit de meeste architecten, maar liefst 145.000 in totaal. Dit zijn 2,4 architecten per 1.000 inwoners. Meer dan 50% van jongere architecten (jonger dan 40) wonen en werken in Polen, Italië en Griekenland. In Slovakije, Oostenrijk en Nederland is de architectuurbranche erg masculien. Meer dan 80% van de architecten is man. Griekenland, Bulgarije en Slovenië hebben het hoogste percentage vrouwelijke architecten, net iets meer dan 50%. Het soort werk dat architecten verrichten verschilt sterk binnen de Europese lidstaten. In België, Griekenland en Bulgarije bestaat meer dan 60 % van de markt uit private huizen. In Denemarken, Zweden en Finland is het grootste aandeel, 40%, publieke markt. In Roemenië en Slowakije bestaat 50% uit de mark uit commercieel vastgoed.
De waarde van de totale architectuur markt in Europa is ongeveer 14 miljard euro. Duitsland heeft veruit de grootste architectuureconomie, per jaar is er aan 4,1 miljard euro aan werk te verdelen. In Slovenië is de markt slecht 10 miljoen euro groot. In Nederland kan een architect het meeste te verdienen, gemiddeld zo’n 51.000 euro per jaar. Dit staat in schril contrast met het (gecorrigeerde) inkomen van slecht 8.200 euro per jaar voor een Roemeense architect.
Veldwerk
De cijfers van het ACE representeren de architecten die een bijdrage leveren aan een gemeenschappelijk ruimte: Europa. Project 27 pikt hier de draad op met een multimediaal onderzoek. Tijdens een lunch, diner of stadswandeling praten Benoît Jallon en Umberto Napolitano met hun gasten over de betekenis van architectuur, en de kansen, bedreigingen en uitdagingen waarmee het vak heden ten dage te maken heeft. De gesprekken zijn informeel en bieden een openhartige en relevante illustratie van de hedendaagse Europese architectuur. Tegelijk wordt alles professioneel gefilmd, is er een gelikte website met teasers en worden de steden, gasten, gastheren en de filmploeg uitgebreid gefotografeerd. Naast het maken van korte webdocumentaires en aantal tv-producties worden er in Parijs en andere Europese steden events georganiseerd. Uiteindelijk wil men een tentoonstelling, een boek en een speelfilm van 92 minuten te maken.
Bijzonder aan het project is dat architecten zelf het initiatief nemen voor deze gesprekken. Geen betweterige curator of hijgerige criticus die namens een instituut de architectuurwereld op haar plek wil wijzen. Neen, twee praktiserende architecten die met eigen middelen een reis ondernemen om de stand van zaken op te nemen onder Europese collegae, het valt erg te waarderen. Door Bjarke Ingels en Julien de Smedt prominent als een van de eerste in de serie te portretteren neigt het project naar star fucking; van deze internationaal opererende architecten horen en zien wij al zo veel. Dit zijn juist niet de architecten waar dit project het van moet hebben. Relatief kleine en op nationale of regionaal functionerende bureaus zijn veel interessanter te onderzoeken en te vergelijken. De line-up met de bureau die reeds hebben toegezegd te zullen meewerken laat gelukkig veel van dit soort bureau zien.
Een noodzaak voor Project 27 is er totaal niet, maar een nieuwe vorm van een Grand Tour is onweerstaanbaar romantisch. En passant kan Project 27 een indringend beeld schetsen van wat er werkelijk leeft bij Europese architecten: voorbij naïviteit en opportunisme.
(Artikel is gepubliceerd op www.AFFR.nl )

Deze souper was met twee mannen die weinig tot geen affiniteit hebben met ontwerpers. Jeroen Laven (planoloog en directeur Stipo) en Eric van Keulen (zakelijke & commercieel directeur De Zwarte Hond) hebben veel te maken met architecten en stedenbouwkundigen, maar zij verbazen zich er dagelijks over.
Het was zeker geen vervellende avond. Haarfijn wisten zij uit te leggen dat creativiteit en naïviteit wellicht kunnen leiden tot geweldige ontwerpen, maar meestal niet tot een goed businessmodel voor gebruikers en eigenaren. Architectuur en stedenbouw kan dus niet zonder economie. Ontwerpers dienen zich te verdiepen in verdienmodellen om weer serieus te worden genomen. Tevens kan met deze kennis misschien de eigen business worden gered.
Al vaak gegeten bij Huson. Ik kan nu niet meer elke keer zeggen dat het goed was. Volgende maand weer eens een ander restaurant bezoeken.
Elke maand nodigen Daan Bakker (Daf-architecten), Jeroen de Willigen (DeZwarteHond), Jasper de Haan (architect) en ik een aantal collegae of interessante mensen uit om samen te eten, te drinken en te discussiëren over ons vak, de stad Rotterdam en aanverwante zaken.
Subscribe to RSS