2016-02-24Re/Start

img

In 2013 begon de Revolutie van de Waardigheid op het Onafhankelijkheidsplein (Euromajdan) vol hoop. Oekraïners gingen de straat op voor Europese samenwerking. Het liep anders. Na een bloedige veldslag in het stadscentrum van Kiev, met een groot aantal dodelijke slachtoffers als gevolg, is het land sinds 2014 in een permanente staat van crises. Rusland pikte een deel van het land in en ondersteunt een uitzichtloze opstand van de pro-Russische minderheid in het land. De liefde met Europa voelt onwennig aan en wil nog niet echt opbloeien.

De economie van het land is gedecimeerd en even groot als die van de provincie Noord-Holland. De wijdverbreide corruptie frustreert een fatsoenlijk functionerende samenleving en smoort iedere aanzet tot verandering onmiddellijk. Afwachten tot het weer goed komt, is geen optie meer. Sinds de onafhankelijkheid in 1991 moet nu voor het eerst zelfstandig worden gewerkt aan de identiteit van het land.

Maar niemand weet hoe dat moet. Rusland zal tegenwerken en Europa zal meewerken, zoveel is zeker. Een nieuwe generatie Oekraïners moet zelfstandig leren denken en zelfkritisch worden. Dit zijn juist eigenschappen die tot nog toe helemaal niet zijn aangeleerd. Voor een genuanceerde mening is geen plek, zwart-witdenken is de norm.

School for Urban Studies
Tegen deze achtergrond is afgelopen jaar CANactions. School for Urban Studies in Kiev begonnen. De school biedt studio’s aan van drieënhalve maand, een full-time programma voor jonge professionals en richt zich met name op de verkenning van de Oekraïense steden. Interdisciplinaire teams houden zich bezig met het identificeren van kwaliteiten en het definiëren van acties voor strategische stedelijke ontwikkeling.

Met praktijkgerichte onderzoeksopdrachten worden nieuwe vaardigheden en manieren van denken geïntroduceerd die het leven in Oekraïense steden in de toekomst beter moeten maken. Onderdeel van dit proces is de herdefiniëring van de rol die overheden, marktpartijen en burgers in ruimtelijke ontwikkeling spelen.

Ivano-Frankivsk
De eerste studio is inmiddels afgerond. Het doel van deze studio was het het ontwikkelen een set aanbevelingen voor de strategische ruimtelijke ontwikkeling van Ivano-Frankivsk, een stad met ongeveer 200.000 inwoners in het westelijke deel van Oekraïne.

Na een onderzoeksperiode bleek dat stad de stad een optelsom is van verschillenden woon- en werkgebieden, gelegen rond het historische stadscentrum waar zich de voorzieningen bevinden. Grote infrastructuur scheidt de verschillende functies van elkaar en deelt de stad op in de verschillende tijdperken waarin ze is gebouwd. Bijna onzichtbaar wordt de stad aan drie zijden ingesloten door twee verschillende rivieren.

Door het dagelijkse gebruik van de stad te koppelen aan de ruimtelijke kwaliteit van de twee rivierbeddingen, ontstaan interessante dwarsverbanden in de stad die het (historisch) erfgoed van de stad op een interessante manier verbinden. Samen met Urban Space 100, een lokale organisatie van 100 maatschappelijk actieve mensen die zich hebben verenigd om de kwaliteit van de stedelijke ruimte te verbeteren, is een model ontwikkeld om de samenwerking en de communicatie tussen de verschillende belanghebbenden in de stad te verbeteren.



Kleine revolutie
De achtergronden van de eerste achttien studenten liepen sterk uiteen. Naast een aantal opgeleide architecten namen ook een jonge journalist, een socioloog, een grafische ontwerper en enkele (web)designers deel aan het programma. De gedrevenheid was groot en de resultaten van de eerste studio zijn in Ivano-Frankivsk en Kiev enthousiast ontvangen.

Het belangrijkste resultaat is dat een kleine groep mensen zelfstandig heeft leren denken en tegelijkertijd aan de identiteit van de stad en het ommeland heeft gewerkt. Deze studenten zijn ook de straat op gegaan, niet om te demonstreren of te vechten, maar om te luisteren en het gesprek aan te gaan met de inwoners va de stad, met als oogmerk het leven daar te verbeteren.

Binnenkort begint studio #2, met als case de stad Kramatorsk in het oosten van Oekraïne. Hiervoor hebben zich achttien studenten ingeschreven. Het is een klein en onschuldig initiatief. Maar het voelt goed om onderdeel te zijn van een kleine revolutie in het denken en doen van een nieuwe generatie stafmakers.

Blog website De Architect, 24 februari 2016.

2016-01-29Souper #71

img

We trappen 2016 af met Marieke Berkers (architectuur historicus) en Gerjan Streng (architect/ partner The Cloud Collective). De setting is gelijk aan de laatste Souper van vorig jaar: restaurant Huson.

Marieke is werkzaam als onderzoeker, schrijft artikelen, maakt boeken, is een veel gevraagd jurylid, geeft les aan verschillende onderwijsinstellingen en is redactielid van de Blauwe Kamer. Landschapsarchitectuur is inmiddels haar specialiteit. Gerjan werkt met The Cloud Collective aan concrete architectonische opdrachten en onderzoekt met big data hedendaagse ruimtelijke vraagstukken. The Cloud Collective is georganiseerd als een vereniging, dit maakt werken aan uiteenlopende opdrachten in verschilleden landen eenvoudig mogelijk. De breedte van opdrachten van dit jonge bureau, of beter gezegd jonge organisatie, is hierdoor indrukwekkend.

Een interessante overeenkomst tussen Marieke en Gerjan is dat ze beide inhoud en ondernemerschap feilloos weten te combineren. Ook kunnen ze er beide op een erg aangename manier over te praten.

Elke maand nodigen Daan Bakker (Daf-architecten), Jeroen de Willigen (DeZwarteHond), Jasper de Haan (architect) en ik een aantal collegae of interessante mensen uit om samen te eten, te drinken en te discussiëren over ons vak, de stad Rotterdam en aanverwante zaken.

2015-11-10Branche zonder vrienden

img

Zo’n 80 ondernemers, bestuurders, (ex)topsporters, wetenschappers en cultuurdragers uit Nederland hebben op persoonlijk titel het platform NL2025 opgericht. De line-up is indrukwekkend. Afgelopen weekend vertelde zij aan de rest van de Nederland hoe zij zich willen inzetten voor een beter toekomst van ons land.

Deze brede maatschappelijke beweging is naar mijn idee een goed initiatief en de keuze voor drie kernterreinen onderwijs, duurzame groei en een vitale samenleving bevalt me. De visieloosheid van politici is schrijnend. De polarisatie rond ieder meningsverschil stagneert elke vooruitgang in ons land. Ik geloof dat een denktank met verstandige mensen die naar elkaar luisteren Nederland verder kan helpen.

Goed netwerk
Hoe wordt zo’n groep mensen samengesteld? Ik stel me zo voor dat de ene CEO de andere belt. Die kent wel weer een vooraanstaand iemand of mailt met een interessant vriendje van een vriend. Een goed netwerk is cruciaal. Bepaalde kennis is belangrijk. Een toffe peer zijn helpt ook. Heb je een combinatie van deze drie elementen dan zit je er zeker bij.

Omzet uit het buitenland
Bij het doornemen van de namenlijst miste ik alleen een stedenbouwkundige of architect. De BNA meldde deze week nog dat de grote Nederlandse bureaus tot wel 30% van hun omzet uit het buitenland halen. Het aantal opdrachten in Nederland loopt terug voor onze topbureaus, de waardering van Nederlandse ontwerpkwaliteiten keldert nog harder.

Brede maatschappelijke beweging
Deze trend is al veel langer gaande. Een eigen ministerie van Ruimtelijke Ordening bestaat al een aantal jaren niet meer. Het Stimuleringsfonds voor Architectuur is getransformeerd tot het Fonds voor Creatieve Industrie. Het Nederland Architectuur Instituut is roemloos opgegaan in Het Nieuwe Instituut. Nu zijn er voor de disciplines stedebouw en architectuur ook geen plaatsen meer in een brede maatschappelijke beweging.

Ingenieurs en aannemers
Er zal toch wel een CEO of de lijst staan van een vermaard Nederlandse ingenieursbureau? Bij het opnieuw scannen van de namenlijst kan ik geen ingenieur vinden. Een aannemer dan? De bouwlobby in Nederland is indrukwekkend. Voor een klein land hebben wij een aantal erg grote aannemers. Na een derde keer doornemen van de lijst ontdek ik echter geen enkel persoon uit de aannemerij.

Samen maken we Nederland
NL2025 ontleent haar vocabulaire aan de bouwwereld. De slogan is “Samen maken we Nederland”, maar voor de rest worden ruimtelijke ontwerpers, ruimtelijke adviseurs en zelf aannemers compleet genegeerd door de denktank. De hele bouwbranche heeft geen vrienden meer. Daar staan wij dan met al onze kennis en kunde over onderwijs, duurzaamheid en stedelijke ontwikkeling. Wij worden niet uitgenodigd op het leuke feestje van iemand anders en wij kunnen bovendien niet goed opschieten met elkaar.

Manier van werken
Binnen de bouwkolom moet we leren om meer van elkaar te houden. Het doel van integraal werken is niet om een nieuwe machtpositie te bemachtigen of om verantwoordelijkheden af te schuiven. De arrogantie moet eruit. Het handelen transparant. Zodat elkaar wat wordt gegund. De cultuurverschillen tussen ontwerpers, adviseurs en aannemers moeten snel worden beslecht en de manier van werken moet nu echt anders. Wij hebben elkaar hard nodig. Nederland gaat ook verder zonder ons.

Blog website De Architect, 10 november 2015.

2015-07-17School maken

img

Viktor Zotov organiseert ieder jaar met een groep zeer enthousiaste en jonge mensen het internationale architectuurfestival CANactions. Vorige maand begeleidde ik tijdens dit festival een workshop in Kiev. Viktor wil nu een school gaan opzetten en ik ga hem daarbij helpen.

De opleidingen in architectuur zijn in Oekraïne ouderwets degelijk georganiseerd. Een gebouw ontwerpen en vervolgens uitwerken is geen enkel probleem. Alle studenten zijn goed op de hoogte van wat gebeurt op het gebied van architectuur in de wereld. Internet wordt afgestruind en ook worden reisjes naar interessante plekken buiten Oekraïne worden georganiseerd. Mijn ervaring is dat daarbij een buitengewone belangstelling voor Nederland, Zwitserland en Denemarken aan de dag wordt gelegd.

Stedebouw wordt in dit land haast niet gedoceerd. Sinds de onafhankelijkheid in 1991 is stedebouwkundige planning min of meer taboe verklaard. Met name tussen 2000 en 2007 groeide de economie sterk en was er een explosieve groei van de bouwproductie. Er zijn toen willekeurig geplaatste appartementencomplexen en winkelcentra in de stad gebouwd. Vaak met een onbeschrijfbaar lelijk uiterlijk en van een inferieure technische kwaliteit. Over de gevolgen van deze stedelijke toevoegingen voor de verkeersdruk en de openbare ruimte is totaal niet nagedacht.

De stad leek dan ook te bezwijken onder de toegenomen autoverkeer en onleefbaar te worden door de verwaarlozing van de openbare ruimte. De economische crises van 2008 bracht een abrupt einde aan deze onstuimige groei. Het enige voordeel van al deze crises is dat er geen geld meer is om onnozele gebouwen lukraak ergens neer te zetten zonder te kijken naar verkeer en openbare ruimte. Kennis en kunde rond stedebouw moeten opnieuw worden opgebouwd. In zo’n ongeduldige maatschappij als de Oekraïense is dat bepaald geen sinecure.

De School for Urban Studies zal in september starten in een gebouw van een voormalig staalconstructiebedrijf op het industrieterrein Telycka. De herstructurering van dit gebied is tevens een onderwerp voor de school. Naast de fysieke ingrepen zal er programmatische en organisatorische kennis moeten worden ontwikkeld. Kadastrale gegevens of basale data over de stad bestaan, maar zijn moeilijk te verkrijgen. Bovendien zijn ze meestal niet compleet en al helemaal niet te vertrouwen. Wie eigenaar is van de grond of van het vastgoed, is vaak niet duidelijk. Aan welk programma behoefte is weet niemand. De overheden zijn zo goed als failliet. Maar het land beschikt over (rijke) ondernemers die best hun verantwoordelijkheid willen nemen voor de toekomst van de stad. De school for Urban Studies heeft als taak om partijen bij elkaar te brengen en om nieuwe proces- en ontwerpmiddelen te ontwikkelen.

De Nederlandse en Zwitserse ambassades hebben dit jaar het festival ondersteund. De Zwitserse ambassadeur heeft inmiddels toegezegd de school ook te willen ondersteunen. Hopelijk gaat de Nederlandse Ambassade financieel ook bijdragen. Samen met Viktor ben ik afgelopen maand bij de Nederlandse ambassadeur op bezoek geweest. Het enthousiasme is er in ieder geval. De ervaringen van mijn laatste workshop in mei en andere workshops worden gedeeld en meegenomen om dit voor elkaar te krijgen. De inschrijving voor studio #1 is net geopend. In september wordt er in ieder geval gestart met de CANactions School for Urban Studies.

De komende tijd zal ik mijn eindverslag van de workshop afronden en ga ik verder nadenken over de opzet van de school.

Blog website De Architect , 17 juli 2015.

2015-06-18Workshop Telychka

img

Telychka is een industriegebied van 200 ha groot en ligt in Oekraïne tussen de Dnjepr rivier en de historische binnenstad van Kiev. Een groot deel van dit industriegebied is niet meer in gebruik. De economische activiteiten die er wel plaatsvinden draaien op verouderende installaties en zijn gevestigd in vervallen gebouwen. Afgelopen maand bezocht ik het internationale architectuurfestival CANactions en begeleidde ik een workshop over de toekomst van dit gebied onder de titel ‘Telychka - A Place to Care’.

Deze workshop wordt jaarlijks georganiseerd voor masterstudenten en voor architecten die net hun studie hebben afgrond. Het doel van de workshop is tweeledig. Als eerste wordt een hedendaags probleem van de stad Kiev geagendeerd en onderzocht. Het tweede doel is het bevorderen van de kennisuitwisseling tussen de jonge generatie ontwerpers uit Oekraïne en ontwerpers elders uit de wereld.

Integrale werkwijze
Dit jaar was de workshop uitgebreid met een derde doelstelling: integraliteit. Voor het eerst was de workshop ook toegankelijk voor andere disciplines. Uit zestig inschrijvingen zijn na een selectieronde acht ontwerpers (stedebouwkundigen, architecten) en zeven participanten met een andere achtergrond (psychologie, sociologie, verkeerskunde, journalistiek) geselecteerd.

Ongewisse toekomst
Hoe te werken in een land met een ongewisse toekomst? Met elkaar praten leek mij een goed begin. Minder presenteren en meer discussiëren was mijn agenda voor de workshop. Mijn ervaring met de Oekraïense cultuur is dat je daarin alleen met je vrienden discussieert. Dat is erg interessant en vaak ook bijzonder aangenaam, want het heerlijke lokale eten en de lokale drank horen daarbij. In het openbaar etaleer je echter alleen je kennis.

Vragen stellen
Presentaties kunnen eindeloos lang duren om te voorkomen dat vragen worden gesteld. Tegelijk staat een vraag stellen gelijk aan domheid. Na een presentatie heeft een vraagsteller een lange monoloog nodig om te laten zien dat de vraag die hij of zij gaat stellen, niet uit onwetendheid voorkomt. Niet dat wij in Nederland nu zo’n goede discussiecultuur hebben, maar in ieder geval kunnen wij onderwerpen kort uitleggen, zijn wij bereid naar elkaar te luisteren, willen we kennis met elkaar delen en zijn wij bovenal bereid om dit in het openbaar te doen.

Wat te doen?
Om dit hier te bereiken, heb ik de participanten verdeeld in drie kleinere groepen. Eén groep dacht na over een meer dynamische manier van ruimtelijke planning. Een tweede groep dacht na over de programmering. En de laatste groep dacht na over het proces. Zij diende te formuleren wat te doen op korte, middellange en lange termijn. Vooral bij het opzetten van de laatste groep stuitte ik in het begin op veel onbegrip. Na een week kreeg ik echter juist veel waardering van Oekraïners en buitenlanders die werken in de Oekraïne. Iedereen in het land is op zoek naar zijn of haar rol in een veranderende samenleving.

Geanimeerde gesprekken
Om de discussie verder te bevorderen heb ik gedurende de workshop twee expertmeetings georganiseerd met mensen die wonen en werken in Kiev. Dit waren behoorlijk zware delegaties waarin onder andere de decaan van de Kiev Business School, een festival organisator, het hoofd strategie van Jones Lang LaSalle, een hoogleraar sociologie, een onafhankelijke curator, de oprichter van het Oekraïense Innovatie Platform en diverse ondernemers zitting hadden. De discussies startten onwennig en stroef, maar na enige tijd ontstonden geanimeerde gesprekken tussen de experts en de participanten. Naar mijn idee is dit het belangrijkste resultaat van de workshop.

Blog website De Architect , 18 juni 2015.