2015-11-02Souper #69

img

Architecte Rianne Makkink (partner Studio Makking & Bey) en landschapsarchitect Patrick Mc Cabe (partner REDscape) hebben beide een breed oeuvre waarin eigen roots en context centraal staan. In oktober zaten zij bij ons aan tafel in restaurant Huson.

De landschappelijke interventies van Rianne en haar werkboerderij in de Noordoostpolder laten zien dat op een relatief kleine schaal een bijzondere relatie tot stand kan komen tussen mens en omgeving. Patrick werkt in Nederland en in zijn geboorteland Ierland aan stedenbouwkundige en landschappelijke opgaves. Hij vertelt dat de geschiedenis van een plek en het aanwezige erfgoed een vanzelfsprekend onderdeel kunnen worden ook bij relatief grote en abstracte plannen.

Zowel Rianne als Patrick reizen veel. Zij wonen en werken beide op meerdere plekken. Toch weten ze bij elke opdracht opvallend veel intense betrokkenheid te creëren. Dit vraagt ontzetten veel kennis, inlevend vermogen en genegenheid. Al deze kwaliteiten waren duidelijk te herkennen tijdens het aangename souper.

Elke maand nodigen Daan Bakker (Daf-architecten), Jeroen de Willigen (DeZwarteHond), Jasper de Haan (architect) en ik een aantal collegae of interessante mensen uit om samen te eten, te drinken en te discussiëren over ons vak, de stad Rotterdam en aanverwante zaken.

2015-05-26De werkstad van gisteren is de woonstad van morgen

img

Transformatie van het naoorlogs kantoorvastgoed in Eindhoven

In Eindhoven groeit het aantal banen op autogeoriënteerde plekken sterk. In toenemende mate vertrekken bedrijven uit kantoorpanden in het centrum naar locaties aan de stadsrand met een directe aansluiting op het lokale en (inter)nationale wegennetwerk. De verhuizing van de arbeidsplaatsen vanuit de stadskern benadrukt de kracht van Brainport als intergemeentelijke samenwerking en de transitie van company town naar kennisregio.

Kantoorverzamelgebouw de Groene Toren (1974) en het voormalige internationale hoofdkantoor van Philips Lighting (1977-1982) in het stadscentrum staan door deze ontwikkeling leeg. De vele kleine bedrijven uit de Groene Toren zijn vertrokken naar werklocaties elders in de regio en Philips Lighting verhuisde naar de High Tech Campus. De vraag rees wat te doen met de achterblijvende gebouwen. Ze hebben beide geen uitgesproken architectonische kwaliteit en de stedenbouwkundig inbedding is problematisch.

Jong en oud genoeg
Overheden, gebouweigenaren en ontwerpers hebben ieder een eigen reden om met grote ijver deze zogenaamde stedenbouwkundige fouten en architectonische mislukkingen te herstellen. De Gemeente heeft in het algemeen weinig waardering voor naoorlogse ruimtelijke ontwikkelingen. Bij bestuurders leeft de gedachte dat sloop en nieuwbouw staat voor daadkracht en vooruitgang. Voor beleggers en ontwikkelaars is de business case van nieuwbouw veel eenvoudiger en bijna altijd voordeliger. Iedere generatie ontwerpers waant zich superieur aan een vorige. Zij kiezen ook het liefst voor tabula rasa.

Met name gebouwen die te jong zijn om als onmisbaar te worden beschouwd, maar oud genoeg om te slopen, zijn vaak slachtoffer van het onbedwingbare verlangen naar nieuwbouw. Gebouwen gerealiseerd tussen 1960 en 1990 vallen vaak in deze categorie. Plots zijn deze gebouwen esthetisch ongewenst, staan ze op de verkeerde plek in de stad, zijn de bouwkundige gebreken een onoverkomelijk probleem of zijn de eisen en wensen van gebruikers niet verenigbaar met de structuur van het gebouw

In opdracht van Foolen & Reijs Vastgoed hebben wij voor de Groene Toren en het voormalige hoofdkantoor van Philips Lighting een transformatieplan gemaakt. De positie in de stad en de robuuste hoofddraagconstructie van de Groene Toren en het voormalige hoofdkantoor van Philips Lighting, bieden voldoende aanknopingspunten voor hergebruik tot wonen. In de nabijheid van beide panden bevinden zich winkels, horeca en cultuurpodia. De auto-ontsluiting en parkeervoorzieningen in het centrum van Eindhoven zijn uitstekend. Een (hoogwaardig) openbaarvervoernetwerk is aanwezig. De combinatie van consumptieve voorzieningen en goede bereikbaarheid is onweerstaanbaar voor jonge stedelingen, maar ook ouderen die in de stad willen wonen en mensen die de stad willen bezoeken.

De Groene Toren
De Groene Toren staat autonoom in het stedelijke weefsel. De hoofdentree aan de westzijde ligt met een driehoekige voorplein aan de centrumring. De drukke Vestdijk wordt gedomineerd door grootschalige woon-, winkel-, kantoor- en hotelcomplexen met in de plint horecagelegenheden en winkels. De noordgevel grenst prominent aan het Stationsplein, dat net als de aangrenzende Dommelstraat autovrij is. Nagenoeg alle historische panden in dit gebied herbergen een café of restaurant. De andere zijden zijn met een smalle straat gescheiden van een groot bioscoopcomplex en een oude kantoorvilla.

Het nieuwe plan transformeert de 13.000 vierkante meter van de Groene Toren tot woongebouw voor de jongerendoelgroep van de functies rond het gebouw. De nieuwe bewoners van de toren kunnen kiezen voor een hotelkamer voor een kort verblijf, een woonruimte voor een tijdelijk verblijf of een appartement voor een lang verblijf. Op de eerste verdiepingen worden werk- en vergaderruimtes voor de bewoners gesitueerd. De café-restaurants op de begane grond worden vernieuwd en op het dak biedt een skybar een nieuw fantastisch uitzicht over de stad.

Eenvoudige aanpassingen op de begane grond verbinden het openbare gebied en de functies in het gebouw beter met elkaar. Het voetgangersgebied rond de toren met zal functioneren als een plaza. De nieuwe groene glasgevel maakt het gebouw lichter en toegankelijker. De nieuwe geleding verfijnt de verschijningsvorm van de toren. De huidige verzameling reclame-uitingen op de kopgevel aan het Stationsplein wordt vervangen door een enkel digitaal scherm die de hele hoogte van het gebouw beslaat. Dit past bij de uitstraling van het uitgaansgebied en de nieuwe bewoners van de toren.

Philips Lighting
Bij het voormalige hoofdkantoor van Philips Lighting in het Emmasingelkwadrant is de situatie heel anders. Het T-vormig gebouw staat met een aantal nevengebouwen op een omheinde kavel van drieënhalve hectare op het voormalige Philipsterrein dat het dichtst tegen de binnenstad aanligt. Tussen de gebouwvolumes is het terrein verkaveld met honderden parkeerplaatsen. Succesvolle (her)ontwikkelingsprojecten aan de Emmasingel (Witte Dame), Wilhelminastaat (Regentenkwartier) en Mathildelaan (Lichtoren) en mogelijke (her)ontwikkelingslocaties aan de Vonderweg begrenzen de kavel.

In de visie van de gemeente en West 8 urban design & landscape architecture is een nieuwe centrale as gepland in het verlengde van de doorgang in de Witte Dame. Deze Lichtlaan verbindt het centrum met het Stadionkwartier en vormt een nieuwe ontsluiting van de functies in het Emmassingelkwadrant. De hekken rond het voormalige Philipscomplex verdwijnen en door een deel van het terrein te verdichten met drie nieuwe woontorens is er ruimte voor een nieuwe publieke ruimte. Aan de kant van de Lichtlaan maken de nevengebouwen en parkeerplaatsen plaats voor een nieuw park met een reconstructie van de Genderbeek. Het nieuwe singelpark is het groene hart van het Emmassingelkwadrant en een waardig entreegebied voor het imposante gebouw. Ondergrondse parkeervoorzieningen in de geplande nieuwbouw aan de Lichtlaan en aan de Mathildelaan voorzien in de gevraagde parkeerbehoefte.

Het voormalige Philipskantoor van 40.000 vierkante meter krijgt door de nieuwe context interessante transformatiemogelijkheden. De locatie en het gebouw zijn zeer geschikt voor huisvesting van jonge eenpersoonshuishoudens of expats. De grauwe betongevel met horizontale geleding wordt vervangen door een transparante gevel die de structuur van het gebouw afleesbaar maakt. De zeven verdiepingen worden opgedeeld tot compacte appartementen. Deze bachelor cribs zijn te klein voor een huiselijk leven, maar groot genoeg voor een (eerste) eigen thuis. Bewoners worden met name uitgedaagd tot een interessant publiek leven, te beginnen op de begane grond. De koffiebar maakt een espressoapparaat en een bureau in het appartement overbodig. Een kleine koelkast voldoet omdat winkels voor de dagelijkse boodschappen in de buurt zijn. De healthclub zorgt dat de bewoners in goede conditie blijven.

De toekomst van de stad bestaat al
De Groene Toren en voormalige hoofdkantoor van Philips Lighting waren ooit moderne gebouwen. Deze gebouwen vervangen door iets dat nog moderner is, levert naar onze overtuiging geen betere stad op. De tragiek in de sloop-nieuwbouwbenadering is dat er blijkbaar geen betekenis gevonden kan worden in de bestaande context. Het is een wanhopige poging van bestuurders, ontwikkelaars en ontwerpers om met radicale vernieuwing de geschiedenis te wissen en de stad steeds van een nieuwe identiteit te voorzien.

De stad is nooit af, maar gebouwen zijn geen wegwerpproducten. Het secuur verbeteren van de stad geeft houvast. Plekken blijven herkenbaar, maar zijn tegelijk toekomstbestendig. Verhalen van vroeger krijgen een nieuwe betekenis voor de toekomst. Het aanpassingsvermogen van het stedelijke weefsel is enorm en de mogelijkheden bij een gebouwtransformatie zijn talrijk. Een stad wordt beter door de openbare ruimte te herwaarderen, op te knappen of uit te breiden en gebouwen te renoveren, te herbestemmen of te transformeren.

Bij de plannen voor de Groene Toren en voormalige hoofdkantoor van Philips Lighting hebben wij aanknopingspunten in de bestaande stad gezocht en gevonden. Met programmatische aanpassingen, architectonische verbeteringen en stedenbouwkundige goede inbeddingen stellen wij een zorgvuldige en duurzame verbetering van de stad voor. Naoorlogse kantoorgebouwen kunnen volgens ons onderdeel zijn van de geschiedenis en toekomst van de stad.

Artikel in samenwerking met Paul Diederen. Artikel is gepubliceerd in Architectenweb #8, april 2015.

2015-03-10Souper #62

img

Froukje van de Klundert (architect ONE Architecture) en Aglaee Degros (partner bij Artgineering) waren onze gasten bij Souper #62. Kennis maken, kennis delen en kennis verzilveren waren de gespreksthema.

Het werkveld van Froukje en Aglaee bevindt zich tussen marktpartijen, kenniscentra en publieke instellingen. Zij combineren onderzoek en ontwerp, wetenschap en praktijk op een bijzondere manier met elkaar. Culturele, economische en maatschappelijke aspecten maken integraal deel uit van hun werk als onderzoeker en ontwerpster. Echter de werkfrequentie bij deze uiteenlopende disciplines is totaal verschillend. Hoe maak je onderzoek relevant voor ontwerp en ontwerp relevant voor onderzoek?

Tijdens de avond in restaurant Huson is de ambivalentie tussen het realiseren van een opdracht en het bestuderen van een opgave verkend en besproken.

2014-09-15Souper #57

img

Op vrijdag 12 september was er een bijzonder Souper in Venetië. Aan tafel zaten Ankie Schellekens (directeur organisatiebureau Venice Planner), architect/ fotograaf Giovanni Vio (phd IUAV) en architecte Silvia Dainese (bureau GRISDAINESE). Later schoof architect Stefano Gris (bureau GRISDAINESE) ook nog bij ons aan.

De tentoonstelling Monditalia op de Architectuur Biënnale was een goede input om te praten met mensen die leven in Venetië. Monditalia laat zijn dat het land in een mooie historie heeft, maar ook een zeer ongewisse toekomst. De thema’s wonen, werken en leven in Italië in het algemeen en in Venetië in het bijzonder liggen voor de hand op zo’n avond. Toerisme en de architectenbranche kwamen zo vanzelf aanbod.

Zo’n 80.000 toeristen bezoeken Venetië per dag, terwijl het inwonersaantal inmiddels is gezakt naar 60.000. Niemand heeft een idee hoe bevolkingskrimp en massatoerisme elkaar goed kunnen verdragen. Bij Ankie komen deze fenomenen samen. Zij woont al jarenlang midden in de stad en zij organiseert een bezoek aan de stad op maat voor verschillende soorten bedrijven. Prettig resideren in Venetië heeft uiteindelijk alles te maken met het secuur organiseren van het verblijf van de bezoekers aan de stad.

Giovanni en Silvia werken in een land dat per 450 inwoners één architect heeft. Deze dichtheid is ongekend. In Nederland is er bijvoorbeeld maar één architect per 1650 inwoners. Beide hebben hun ontwerpactiviteiten flink opgerekt. Giovanni met onderzoek en het bureau van Silvia en Stefano ontwerpt ook veel tijdelijke bouwwerken voor exposities en retaildoeleinden.

Wij hebben veel geleerd van het wonen in Venetië en het werken in Italië van onze aangename en ondernemende gasten. Het terras aan het water van Trattoria Altanella in de wijk La Giudecca was een perfecte plek voor deze bijzonder avond. Het restaurant is al meer dan 100 jaar van dezelfde familie. De huisgemaakt gnocchi nero di sepia was verrukkelijk.

2013-10-06Parels in het landschap

img

Architecten hebben een problematische relatie met het landschap. In stedelijk gebied verantwoorden architecten een gebouw met het benodigde programma en relateren zij een gebouw aan gebouwde context. Bouwen in het landschap roept vaak de vraag op waarom er überhaupt programma moet worden toegevoegd; de competitie met een weids of robuusts landschap wordt meestal bij voorbaat al door het gebouw verloren. Drie films laten zien waar het wel om gaat: romantiek.

De architecten Gunnar Daan en Cor Kalfsbeek hebben een prominente bijdrage geleverd aan de architectuur in het lege landschap van Noord Nederland. In de documentaire In Context becommentariëren zij elkaars werk. De projecten die langs komen zijn zorgvuldig in het landschap ingebed. Daan legt echter helder uit wat de verhoudingen zijn: “als een nieuw huis de uitstraling heeft dat het geniet van het landschap, dan geniet het landschap ook van het huis”.

In de korte film Sizígia komt architect Álvaro Siza zelf niet aan het woord. Dit is geen gemis, het door hem ontworpen zwembad Leça da Palmeira aan de Portugese kunst behoeft eigenlijk geen uitleg. Siza temde het zeewater tot een rustig uitnodigend wateroppervlakte in een onweerstaanbare combinatie van een artificiële betonconstructie en een kapitaal landschap. In afwachting van zwemmers en waarschijnlijk enkele architectuurtoeristen volgen wij de weinig spraakzame beheerder van het zwembad bij zijn voorbereidingen voor het nieuwe seizoen.

Andrea Palladio (1508-1580) is waarschijnlijk de eerste architect die zijn villa’s bewust in het landschap positioneerde. In de verfilming van Mozarts Don Gioavanni kunnen wij drie uur genieten van Palladio’s werk. Villa Rotonda in Vicenza vormt één van decors in deze prachtige productie van Joseph Losey uit 1979. De problematisch verhouding tussen de architect en het landschap begint gek genoeg ook bij Palladio. Zijn vier boeken over architectuur gaan voornamelijk over verhoudingen en structuur van een gebouw, aan de positionering van het gebouw in landschap weinig aandacht besteed, terwijl uit studies blijkt dat hij hier zeer nauwkeurig in was. Zijn voorkeurspositie voor een gebouw was de top van een heuvel of een plek langs de rivier.

Zonder de rationaliteit van het programma en zonder een gebouwde context kan architectuur in het landschap worden beoordeeld op haar verhouding tot het landschap en haar genegenheid tot de gebruiker. Architecten horen praten over deze romantiek heeft iets ongemakkelijk. Kijken naar architectuur in het landschap is daarentegen heel erg rustgevend.



Artikel is gepubliceerd in het magazine AFFR 2013 en op de website van het AFFR.

Check voor screenings de website van het AFFR.